Bevrijding van geweld
en terreur
Levenservaringen en visie…..

De
levenservaringen en visie van Hadi Shams Haeri.
Hadi Shamhari werd
in 1943 geboren in Iran. Na de komst van Khomeini
sloot hij zich aan bij het gewapende verzet tegen
het dictatoriale regime. Vijftien jaar later liet
hij het gewapende verzet achter zich. Inmiddels
woont Hadi 15 jaar in Nederland en is hij
medeoprichter van de Stichting Rahai.
Hoe kwam je in de
wereld van geweld en terreur terecht?
Tijdens het regime
van de sjah was er in Iran geen democratie. Alle
politieke activiteiten waren verboden. Er was geen
mogelijkheid je mening te uiten. Demonstraties
werden door de politie met wapens neergeslagen. Dat
was het moment waarop ik over gewapend verzet begon
na te denken.
Toen de sjah
verdreven werd en Khomeini kwam, bleven er
uiteindelijk helemaal geen mogelijkheden voor
democratie meer over. De kranten werden
gecensureerd, de oppositie kwam in de gevangenis
terecht, demonstranten werden ter dood veroordeeld
en geëxecuteerd. Ik raakte er toen van overtuigd dat
de enige manier van verzet die overbleef het
gewapende verzet was.
Later bleek dat het
gewapende verzet de situatie nog slechter dan
vroeger maakte.
Wat voor processen
speelden zich daar af en wat voor invloed had dat op
je?
Binnen de
organisatie werd ik een heel ander mens dan ik
normaal was. Ik werd wreed en wilde alle vijanden en
politieleden doden. Dit kwam door de methoden van
hersenspoeling en indoctrinatie die binnen de
organisatie gebruikt werden. De enige gedachte die
nog in mij leefde was, dat we door de dood van de
vijand democratie konden bereiken
Wat deed je ertoe
besluiten je van het gewapende verzet los te maken?
Ik was 15 jaar bij
het gewapende verzet, toen ik met de organisatie
naar Irak ging. Bij de grens van Irak verzetten wij
ons tegen het Iraanse regime.
De gedachte kwam
toen in mij op, dat we nu 15 jaar bezig waren met
dit gewapende verzet, maar dat het tot nu toe geen
enkel resultaat had gehad. De situatie was er niet
door veranderd, integendeel, het was er nog slechter
op geworden. Want als de plaatselijke bevolking in
Iran zich nu tegen het regime wilde verzetten, dan
werden zij door het Iraanse regime ook beschouwd als
leden van het gewapende verzet. Deze beschuldiging
was onterecht, maar je kwam er wel door in de
gevangenis terecht, met marteling en de doodstraf in
het vooruitzicht. De bevolking durfde hierdoor niets
meer te zeggen. Dus het verzet tegen het regime werd
zo juist moeilijker.
Ook dacht ik erover
na hoeveel leden van onze organisatie gestorven
waren en hoeveel mensen van de regering er gedood
waren. Aan beide kanten waren veel doden gevallen en
toch veranderde de situatie niet. Ik begon het
gewapende verzet als onzinnig te ervaren. We moesten
andere vormen van verzet zien te vinden om tot
democratie te komen.
Mensen die bezig
zijn met wapens verharden hun hart en hun geest
wordt slecht. Zij houden niet meer van mensen. Zij
hebben geen enkel geloof meer, behalve het geloof in
de eigen organisatie. Eigenlijk worden ze geestelijk
ziek. Ze horen niets meer, zien niets meer dan het
gewapende verzet, ze zien geen enkele andere manier
meer. Ze leven apart van de wereld en maatschappij
en ze leven gescheiden van hun familie. Uiteindelijk
worden ze gearresteerd en krijgen ze de doodstraf.
Dit is waar het terroristische leven uit bestaat.
Hoe heeft het je
leven beïnvloed?
Binnen de
organisatie krijg je een heel ander karakter, een
andere identiteit. Dat proces van
identiteitsverandering begint zodra je de
organisatie binnen komt, het krijgt vorm en groeit
en groeit.
Zolang je in de
organisatie blijft geloven kun je er nooit uit
loskomen. Er moet eerst een zaad van twijfel in je
opkomen. Dan volgt een enorm gevecht met jezelf. Je
vraagt jezelf af wat je moet gaan doen als je uit de
organisatie komt.
Binnen de
organisatie heb je een bepaald karakter gekregen. Je
moet weer van dat karakter afgescheiden worden.
Daarvoor is nodig dat het gevoel voor de organisatie
losgelaten wordt. Dit gevecht met jezelf duurt twee
tot drie jaar.
Toen ik weer in de
gewone maatschappij kwam had ik een heel ander
karakter dan vroeger gekregen. Als je terugkeert in
de maatschappij, herinner je jezelf weer hoe het
vroeger was. Pas langzamerhand kun je dan, beetje
bij beetje, weer normaal gaan functioneren.
Wat is jouw visie
hoe de maatschappij zich het best kan beschermen
tegen geweld en terreur?
Terroristische
organisaties komen niet uit westerse democratische
landen, maar ontstaan in landen waar geen democratie
en geen vrijheid van meningsuiting is, en waar
dictatoriale regimes aan het bewind zijn.
Dictatoriale regimes zijn voedingsbodems voor
terrorisme. Daarom moeten westelijke landen weigeren
dictatoriale regimes te steunen en nooit met deze
regimes samenwerken. Ze moeten deze regimes onder
druk zetten om tot democratie over te gaan.
Dictatoriale
regeringen gaan er vanuit dat westerse landen er de
schuld van zijn dat hun land een achterstand heeft,
daarom vallen zij westerse landen aan.
In westerse landen
ontstaat een voedingsbodem voor terreur vaak door
discriminatie. Mensen voelen zich door discriminatie
weggedrukt en komen in opstand. Deze mensen hadden
graag in hun eigen land willen blijven leven, maar
omdat zij daar geen normale levensmogelijkheid
hadden en onderdrukt werden, moesten zij vluchten
naar andere landen. Doordat zij daar dan ook weer
een vorm van onderdrukking ervaren, en ook in dat
land hun mening niet wordt gehoord, ontstaat er bij
hen frustratie en komen zij in verzet.
Belangrijke punten
hoe de maatschappij zich kan beschermen tegen het
ontstaan van terreur:
o Zorgen
voor een goede economische en democratische situatie
voor iedereen
o Iedereen
met respect behandelen, mensen niet beledigen en
toestaan hun eigen geloof te hebben. Alle religies
respecteren
o
Geen onnodige agressie opwekken
o Politiek
gescheiden van geloof en ideologie houden
o Kritiek
op een zodanige manier uiten dat het niet beledigend
of kwetsend wordt
o Weigeren
dictatoriale regimes te steunen
Wat betreft kritiek zo uiten dat het niet beledigend
is:
De laatste tijd
zijn er veel spanningen ontstaan door beledigende
tekeningen over de profeet Mohammed. Als men kritiek
heeft op de islam, zou men het op een andere manier
moeten uiten. Als ik bijvoorbeeld iets wil zeggen
over het christendom in de middeleeuwen, toen zoveel
mensen door de kerk op brandstapels ter dood
gebracht werden, dan moet ik kritiek hebben op deze
acties op zich en niet Jezus beledigen. Want Jezus
heeft hier geen schuld aan, maar de toenmalige
leiders van de kerk.